Geld Gaat Nooit Over Geld  »  Lees online  »

Deel II. Business as Unusual

Omgekeerde aarde in de vorm van een hart.

Onderstaande pagina is onderdeel van het boek Geld Gaat Nooit Over Geld, dat in z’n geheel op deze website te lezen is, vrij en op een ‘geef wat goed voelt’ donatiebasis — en nu ook beschikbaar is op papier en als e-boek.

» Meer over het boek vind je hier.
» Een overzicht van alle hoofdstukken vind je hier.
» (Jezelf) het papieren boek of e-boek geven, kan hier.
» Een donatie doen kan hier.

Koptekst in getekende letters: 'De Leukste Rekensom'

Ik wilde weten hoeveel ruimte wij mensen momenteel gebruiken om onszelf van voedsel te voorzien, omdat ik wilde weten in hoeverre deze ruimte nodig is. Ik vroeg een vriend om hulp, omdat hij veel beter kan rekenen dan ik en een kei is in het stellen van kritische vragen. Hij reageerde enthousiast en we spraken af in een café. Met twee espresso’s voor onze neus, schreven we drie vragen op een kladblok.

1. Hoeveel plek is er op deze planeet? 2. Hoeveel land hebben we nodig om onszelf te voeden? 3. Vanaf wanneer zijn we met teveel?

Een aantal uren en evenzoveel espresso’s later, zaten we met antwoorden die ons niet verbaasden en wel inspireerden.

1. Hoeveel plek is er op deze planeet?

» De aarde heeft een oppervlakte van 510 miljoen vierkante kilometer, oftewel 510 biljoen vierkante meter.

» Aan het begin van 2021 telde de wereldbevolking naar schatting 7,837546 miljard mensen.

» Wij mensen gedijen over het algemeen beter op het droge dan op het natte, dus we moeten het voornamelijk doen met het gedeelte van de aarde dat boven de zee uitsteekt: 30% van het totale aardoppervlak.

Dit betekent dat we per persoon beschikken over

Rekensom 1: 510.000.000.000.000 m² x (30/100) / 7.837.546.000 mensen = 19.521,416525019438482 m²

laten we zeggen 19.521 vierkante meter land en landijs. Dat is iets minder dan twee hectare, of makkelijker gezegd:

3 voetbalvelden

precies drie voetbalvelden.1Voor de grootte van een voetbalveld gebruik ik de maat die de KNVB als minimum hanteert: 65 bij 100 meter, oftewel 6500 m².

Niet alle drie deze voetbalvelden zijn bewoonbaar of bewerkbaar. 24% van het landoppervlak bestaat uit gebergte en 33% uit koude en warme woestijnen zoals Antarctica en de Sahara. Deze 57% worden wel degelijk door mensen bewoond (daarnaast zijn er mensen die vooral op het water leven), maar laten we onszelf niet rijk rekenen. Laten we stellen dat 57% van het landoppervlak voor ons mensen onbewoonbaar en ontoegankelijk is.2Gebaseerd op percentages uit verschillende Wikipedia-artikelen en wetenschappelijke bronnen.

Dit geeft ons

19.521 x (43/100) = 8.394 m² per persoon

oftewel

drie voetbalvelden, waarvan 57% in stippellijntjes

iets minder dan anderhalf voetbalveld aan redelijk vlak land om op te lopen, te plassen, te poepen, te (ver)bouwen en te voetballen.

2. Hoeveel land hebben we nodig om onszelf te voeden?

Na een korte speurtocht op internet vinden we iemand die alle calorieën die een mens nodig heeft, optelde en verdeelde in vetten, proteïnen en koolhydraten, om van daaruit te berekenen welke gewassen een onervaren persoon op hoeveel grond moet kunnen oogsten.

Zijn uitkomst: 4.700 vierkante meter, oftewel iets minder dan driekwart voetbalveld, oftewel iets meer dan de helft van het landoppervlak dat we bewoon- en bewerkbaar kunnen noemen.3Thoreau, ‘Living off the land: How much land?’. Prep Blog, 5 mei 2012. (De pagina en website zijn anno 2021 niet meer online, maar wel te vinden via web.archive.org).

Drie voetbalvelden, waarvan 57% in stippellijntjes. Binnen het niet-stippelijngedeelte iets minder dan driekwart met gewassen.

Eerste conclusie: als wij onszelf willen voeden, blijft er weinig ruimte over voor walibi’s, olifanten en vogels, laat staan voor wegen, huizen, voetbalstadions en een wereldbevolking die jaarlijks met 81 miljoen mensen groeit.4Worldometers.info/world-population, bekeken op 8 januari 2021.

Echter.

Bovengenoemde rekenaar rekent vanuit reguliere, moderne en zogenaamd meest efficiënte, effectieve landbouwmethodes. Mensen die regeneratieve landbouw beoefenen,  vinden reguliere methodes allesbehalve efficiënt en effectief.

Wat betekent regeneratief?

Voor deze rekensom gebruik ik het woord voor methodes die systemen in hun totaliteit zien. Het centrale idee is dat je je inzet om systemen aan te zwengelen, daar waar systemen dat door ontwrichting zelf niet meer kunnen, zodat planten, dieren, bodem, lucht, zon, water en mensen mét in plaats van tegen elkaar gaan werken. Om één klein voorbeeld te geven: door verschillende gewassen dicht op elkaar en in lagen aan te planten, ondersteunen de gewassen elkaar, beschermen ze elkaar, neemt biodiversiteit toe en ontstaat er synergie.

Wat is synergie?

Voor mij betekent synergie dat de samenwerkende som der delen groter en krachtiger is dan de losse, niet-samenwerkende delen bij elkaar opgeteld. Als ik dit principe breder trek, dan is onze planeet geen gesloten vat, maar een open systeem dat een onbeperkte aanvoer van kosmische energie (onder meer vanuit de zon) kan opvangen, omzetten en benutten.

Mits het de kans krijgt.

Jos Willemsen is iemand (of beter gezegd: werd iemand) die zijn blik breder trok. Hij kon zich niet verenigen met het idee van gesloten kringloop-theorieën en kwam bij de volgende vraag:

‘Als het leven op aarde zo’n vier miljard jaar geleden zo primitief “begonnen” is, en uit dit primitieve leven zo’n rijke groenblauwe biosfeer is ontstaan, hoe kunnen we dan van circulaire patronen spreken?’

Jos begon de antwoorden die hij vond toe te passen. Nu helpt hij anderen om te (her)ontdekken hoe we natuurlijke, scheppende en overvloed-creërende patronen hun ding kunnen laten doen in plaats van ze te ontwrichten.5Onder de naam Teaming with Life is Jos mensen en boerenbedrijven gaan helpen om natuurlijke creatiepatronen te herkennen en een helpende hand te geven. Meer informatie over zijn voor mij inspirerende gedachtengoed, plus zijn aanbod, vind je op Teamingwithlife.info.

En hij is niet de enige.

Gezicht David Blume

Dit is David Blume. David is ecologisch bioloog, permacultureel boer en expert in biomassa-brandstof. Hij werkt overal ter wereld aan voedsel- en energiekwesties, geeft sinds 1997 les in permacultuur (een methode voor het ontwikkelen van harmonieuze, efficiënte en productieve natuurlijke systemen), heeft honderden mensen opgeleid tot permacultuur-ontwerpers en runde negen jaar lang een gemeenschappelijk tuinproject in de buurt van San Francisco.

Dat tuinproject besloeg ongeveer 8.100 vierkante meter, oftewel één en een kwart voetbalveld, waarvan de helft op een helling lag van vijfendertig graden. Om je daar een beeld van te geven:

Helling van 35 graden en racefietser die bedankt.

Dat is behoorlijk steil.

Op deze hellende postzegel wist David genoeg voedsel te produceren voor ruim driehonderd mensen en op piekmomenten zelfs voor vierhonderdvijftig. Dat is acht tot tien keer meer dan wat officiële instanties voor mogelijk houden, en dit terwijl David zelden op meer dan de helft van het land tegelijkertijd gewassen verbouwde.

Toen David het tuinproject aanving, was de grond zo dood en hard als cement. Negen jaar later, toen hij moest stoppen omdat zijn huurcontract niet meer werd verlengd, was het land een paradijs.

  • De bodem bestond voor 22% uit organisch materiaal (commerciële landbouwgrond mag blij zijn met 2%).
  • Het ecosysteem dat David en zijn medewerkers op gang hadden gebracht, was nagenoeg volledig zelfonderhoudend en -ophopend.
  • Er waren zoveel vleesetende insecten, padden, hagedissen, slangen, uilen, vleermuizen en andere bondgenoten, dat David in negen jaar tijd maar vijf keer hoefde in te grijpen om de voedselopbrengst op peil te houden.
  • En ingrijpen deed hij alleen met biologische bestrijdingsmiddelen, niet met verdelgingsmiddelen.

In een blogpost schrijft hij: ‘Ik produceerde maar een fractie van wat ik had kunnen produceren, als het land mijn eigendom was geweest en ik ook een bovenlaag van bessen-, bloemen- en notengewassen, plus fruit- en notenbomen had geplant. Toch bracht de boerderij zoveel op dat ik qua inkomen bijna elk jaar in de top 15 procent zat van de ruim 2000 biologische boerderijen in Californië.’6David Blume’s artikel ‘Food and Permaculture’, zeer het lezen waard, vind je op Permaculture.com/drupal/node/141.

Best indrukwekkend, vinden mijn vriend en ik.

Er zit alleen wel een adder onder het gras. 

Om regeneratieve methodes in de praktijk te brengen, kunnen we een heleboel vernuftig gereedschap gebruiken, maar geen grote machines. Regeneratieve land- en bosbouw is vooralsnog vooral hart-, hoofd- en handwerk. Met andere woorden: als wij via methodes zoals die van Jos en David willen produceren wat we nu wereldwijd aan voedsel oogsten, dan dienen meer mensen hun mouwen op te stropen. In Amerika bijvoorbeeld, zou tien procent van de bevolking zich moeten gaan toeleggen op voedselproductie, in plaats van de huidige één procent.7Charles Eisenstein, ‘Permaculture and the Myth of Scarcity’, mei 2012, Charleseisenstein.org/essays/permaculture-and-the-myth-of-scarcity.

Maar. Is dit een adder?

Om tien mensen te voeden, dient één mens zich volledig toe te leggen op het creëren van een stukje paradijs. Anders gezegd: voor elke persoon die voltijd tuiniert volgens regeneratieve principes, kunnen negen mensen de hele dag niksen en toch te eten krijgen.

Eén persoon verzorgt een paradijselijke-tuin; negen liggen te luieren en hangen zichzelf druiven boven de mond

Stel dat we in plaats daarvan allemaal bereid zijn om vier uur per week onze handen uit de mouwen te steken. En stel dat we daarnaast twee uur per dag knutselen aan een aardenhuis, blokhut, of ander duurzaam en energie-neutraal onderkomen. Dan zou onze wereld er als volgt uit kunnen zien:

Tien mensen; één grote paradijs-tuin; allemaal funky huizen

Of, in de woorden van Mike Reynolds, een Amerikaanse architect die aan de wieg stond van het Earth Ship-fenomeen (huizen die in harmonie opereren met hun omgeving en er zelfs meer aan teruggeven dan eraan onttrekken):

Gezicht Mike Reynolds

‘Jezus Christus, ik ben vrij — ik ben helemaal vrij! Man, het humeur dat ik dáár van krijg… Ik sta ’s ochtends op en ik héb mijn leven. En ik kan doen waar ik zin in heb, want ik hoef nauwelijks iets te doen om in leven te blijven!’8Uit Garbage Warrior, een prachtige, geestige en soms pijnlijk rake documentaire over leven en durven. Meer over de film vind je op GeldGaatNooitOverGeld.org/garbage-warrior.

Of, in de woorden van de Thaise Jon Jandai, die zich realiseerde dat hij aan het studeren was om zijn leven moeilijk te maken — en daar fantastisch over vertelt in één van mijn favoriete TED-Talks:

‘Waarom zou ik me in Bangkok de pleuris werken en bijna niets te eten hebben, als ik op het platteland met twee maanden werk zes mensen een heel jaar kan voeden?’9Uit één van mijn favoriete TED-Talks, van een ‘dom’ iemand die zijn moeilijke leven weer makkelijk maakte. Te bekijken op GeldGaatNooitOverGeld.org/life-is-easy.

Ik zou zeggen dat dit geen hersenkraker is, en voor mensen in zogenaamd primitievere maatschappijen, die niet anders weten dan leven zoals Jon en Mike dat doen, is het ook geen hersenkraker.

Dus waarom doet de rest van ons dit niet ook, allang?

Daar heeft dit boek al meerdere antwoorden op gegeven en zo meteen wil ik er nog twee geven, maar laten we eerst de nu nog openstaande vraag — hoeveel land dienen we werkelijk te bewerken om onszelf te kunnen voeden? — van een nieuw antwoord voorzien. En laat ik daarvoor het woord nog een keer aan permaculturist David Blume geven:

Gezicht David Blume

‘Met een goed maar enigszins slordig tuin-ontwerp, heb je ongeveer vijftig vierkante meter per persoon nodig, maximaal. Met een heel goed ontwerp is twintig vierkante meter voldoende.’10David Blume, ‘Food and Permaculture’, Permaculture.com/drupal/node/141.

Twintig vierkante meter, oftewel een postzegel ter grootte van een studentenkamer, om jezelf een heel jaar te voeden. Voor ons westerlingen is dit nauwelijks te bevatten, maar dat komt vooral doordat onze netvliezen enorme akkers en bioindustrie gewend zijn (als ze er al iets van meekrijgen, want voor een boel kinderen komt melk uit een pak in de supermarkt en niet uit de uiers van een koe).

Hé… zuivel en vlees…

Die kunnen we niet negeren.

Oké, hier gaan we:

» Volgens een onderzoek uit 2013 gebruiken we voor landbouw en veeteelt tezamen 38% van het wereldwijde landoppervlak.‘11Agricultural land (% of land area)’, Food and Agriculture Organization, Data.worldbank.org/indicator/AG.LND.AGRI.ZS.

» Een National Geographic-artikel uit 2005 hield het op 40%.12James Owen, ‘Farming Claims Almost Half Earth’s Land, New Maps Show’. National Geographic, 9 december 2005, Nationalgeographic.com.

» Volgens de makers van Kiss The Ground, een documentaire die in 2020 verscheen, gebruiken we inmiddels meer dan de helft van het wereldwijde oppervlak.

Laten we deze gegevens gebruiken om onze vraag tot een slotsom te brengen, en laten we van de krapste situatie uitgaan: 38% van het wereldwijde landoppervlak. Laten we daarnaast stellen dat we tot het einde der tijden niet meer dan deze 38% tot onze beschikking zullen hebben om onszelf van voedsel te voorzien. Dat geeft ons per persoon

510.000.000.000.000 m² (het totale aardoppervlak) / 100 x 30 (het percentage dat boven de zee uitsteekt / 100 x 38 (het percentage land dat we gebruiken voor landbouw en veeteelt) / 7.837.546.000 (alle mensen op de wereld) = 7.418 m²

Oftewel:

1 voetbalveld verbreed met tien meter in stippellijntjes

Een voetbalveld verbreed met tien meter.

Volgens de conventionele maatstaven van de eerdergenoemde rekenaar haalt een onervaren persoon hier (7.418 / 4.700 = 1,578) net iets meer dan anderhalf keer de voeding uit die hij of zij nodig heeft. Gaan we daarentegen allemaal op permacultuur-cursus en volgen we de maatstaven van David Blume, dan halen we hier (7.418 / 20 = 370,9) bijna driehonderd-éénenzeventig keer de voeding uit die we nodig hebben.

Willen we met inzet van regeneratieve principes genoeg produceren om onszelf te voeden, hebben we dus iets meer dan één vierhonderdste, oftewel

20 m² per persoon (nodig voor voedselvoorziening) / 7.418 m² per persoon (het oppervlak dat daar momenteel voor wordt gebruikt) x 100 (om op het percentage te komen) = 0,269%

van het landoppervlak nodig dat we momenteel gebruiken voor landbouw en veeteelt.

Anders gesteld: in plaats van 38% van het totale aardse landoppervlak, hebben we slechts

ietsjes meer dan een duizendste van het wereldwijde landoppervlak nodig, om elk mens op de planeet van gezonde voeding te voorzien, vanuit manieren die biodiversiteit vergroten in plaats van verdelgen, die onze verbinding met de aarde herstellen in plaats van doorsnijden, die energie ophopen in plaats van verkwanselen — en die ons op veel meer vlakken voeden dan via nutriënten alleen.

Ter verduidelijking: dit oppervlak beslaat

Aardbol met Nederland ingekleurd plus drie en een half keer een ingekleurd Nederland daarom heen

iets meer dan vier en een half keer het landoppervlak van Nederland.13Berekend als volgt: 20 m² (nodig per persoon) x 7.837.546.000 (aantal mensen op aarde) = 156.750.920.000 m² aan landoppervlak, oftewel 156.750,920 km². Volgens Wikipedia is de totale oppervlakte van Nederland 41.543 km². Daarvan is (eveneens volgens Wikipedia) 18,41% water. Halen we het waterpercentage eraf, komen we op 33.894,9337 km² aan Nederlands landoppervlak. 156.750,920 km² / 33.894,9337 km² = 4,6246 keer het landoppervlak van Nederland.

Door naar de derde en laatste vraag.

3. Vanaf wanneer zijn we met teveel?

In 2020 groeide de wereldbevolking met 1,05%.14Worldometers.info/world-population, bekeken op 9 januari 2021. Als we met die snelheid blijven doorgroeien, dan duurt het (en dit kan ik niet zonder mijn rekenwondervriend)

Ingewikkelde rekensom :-)

566,4 jaar voordat we hetzelfde landoppervlak nodig hebben als we nu gebruiken, om alle mensen op aarde (tegen die tijd meer dan 2900 miljard15Berekend als volgt: 7.837.546.000 mensen x 370,9 (hoeveel keer meer we onszelf kunnen voeden dan we nu doen, met gebruik van het landoppervlak dat we nu gebruiken voor landbouw en veeteelt) = 2.906.945.811.400 mensen.) te voeden, vanuit methodes die zichzelf allang en breed bewezen hebben.

Hartstikke leuk, vinden mijn rekenwondervriend en ik.

Met een kanttekening.

Onze blocnote-espresso-internet-berekening is niet waterdicht.

  • Visvangst, genoeg voor ongeveer 17% van de dierlijke eiwitten die wij mensen eten, hebben we buiten beschouwing gelaten.16FAO Fisheries, ‘How much fish is consumed worldwide?’ The State of World Fisheries and Aquaculture, 2008, te vinden via Greenfacts.org.
  • Mensen houden wereldwijd miljarden landdieren. Ieder van die dieren heeft het liefst meerdere voetbalvelden aan grasland onder zijn of haar poten. Ook deze dieren hebben we buiten beschouwing gelaten — onze berekening gaat uit van een veganistisch dieet.
  • Niet iedereen op de wereld woont in een even productief klimaat als het Californië van David Blume.

Dit zijn geen kleine kanttekeningen en er zullen er vast meer zijn, maar we kunnen ze ook omdraaien. Zo hebben mijn vriend en ik enorme lappen grond die volgens officiële cijfers te steil, te koud, te warm of te droog zijn om er iets mee te kunnen doen (en waarop talloze mensen toch een redzaam leven leiden) niet meegenomen in onze berekening. Ook het gegeven dat we momenteel wereldwijd anderhalf keer zoveel voedsel produceren als nodig, terwijl we éénderde tot de helft daarvan weggooien,17Zie: Eric Holt-Gimenez, ‘We Already Grow Enough Food For 10 Billion People —and Still Can’t End Hunger’, Huffpost, 5 februari 2012, Huffpost.com & Kromkommer.com/voedselverspilling. hebben we niet meegenomen.

Daarbij wil ik iets zeggen over de gangbare manieren waarop we momenteel met dieren omgaan. Wij hebben de neiging ontwikkeld om dieren (net als onszelf) los te koppelen van natuur. We vernietigen enorme lappen grond, puur en alleen om voer voor dieren te produceren, dat we vervolgens transporteren naar andere enorme lappen grond, waar dieren zó dicht op elkaar gepakt zijn, dat zij nu vaak de schuld krijgen van luchtvervuiling, bodemerosie, verwoestijning en opwarming van de aarde.18Zie Cowspiracy.com/facts.

Ik zie niet dat we met teveel mensen en dieren zijn. Ik zie vooral dat we spelers die van nature met elkaar samenwerken en elkaar versterken, in kampen zijn gaan verdelen, waardoor ze niet meer met elkaar kunnen samenwerken en elkaar kunnen versterken. Erger nog, door spelers per soort te groeperen en veel te dicht op elkaar te zetten (bijvoorbeeld in steden), worden ze een afbrekende in plaats van een opbouwende kracht.

Wat me daarentegen hoopt geeft, is het levende bewijs dat wij van onszelf weer een nuttig, bijdragend en vreugdevol onderdeel kunnen maken van een overvloedig geheel. Een geheel waarin spelers mét in plaats van tegen elkaar werken, waarin we onze voetafdruk optimaliseren in plaats van minimaliseren — en dat enorme hoeveelheden koolstofdioxide uit de lucht onttrekt.

Koolstof is al jaren het stoute jongetje van de broeikasklas, maar dat is het alleen omdat we het in de lucht pompen, terwijl we de bodem het vermogen ontzeggen om koolstof op te slaan als voeding (voor het bodemleven). Een gezonde bodem verwerkt en houdt meer dan twee keer zoveel koolstof vast als de gehele atmosfeer van onze planeet én alle planten (waaronder bomen) bij elkaar opgeteld.19Uit de film Kiss the Ground. Zie GeldGaatNooitOverGeld.org/kiss-the-ground.

Genoeg redenen dus om onszelf wél rijk te rekenen.

Maar laten we dat voor deze rekensom niet doen. Laten mijn rekenvriend en ik zeggen dat we per persoon niet één, maar vier studentenkamers nodig hebben om onszelf het hele jaar door van voeding te voorzien. We kunnen immers nog niet allemaal zo goed tuinieren als David Blume. Laten we daarnaast compenseren voor alle factoren waar we geen rekening mee hebben gehouden, door onszelf met een factor tien armer te rekenen.

Laten we dus het volgende zeggen: om de hele wereld te voeden aan de hand van regeneratieve, revitaliserende principes, hebben we niet 0,269% van het wereldwijde landoppervlak nodig dat we op dit moment voor landbouw en veeteelt gebruiken, maar 0,269% keer vier keer tien. Dan nóg hebben we

Rekensom 7 (ingewikkeld :-)

213,2 jaar om na te denken over uitbreiding naar de planeet Mars. 

En zover hoeft het nooit te komen.

Het percentage extra mensen dat er wereldwijd bijkomt, daalt al bijna dertig jaar. Er wordt zelfs gezegd dat we uiterlijk in het jaar 2100 op nul uitkomen: geen bevolkingsgroei meer en misschien zelfs afname.20Zie En.wikipedia.org/wiki/Population_growth & En.wikipedia.org/wiki/Projections_of_population_growth.

Dit zijn echter voorspellingen op basis van huidige waarnemingen en wie weet wat er tussen nu en dan gaat gebeuren. Wat ik interessanter vind, is dit: slim en inclusief samenwerken, met elkaar en met de natuur, is het fundament van een samenleving, één die ons naast gezonder, ook zorgzamer maakt. Talloze onderzoeken wijzen op één terugkerende reden voor een afvlakkende bevolkingsgroei: mensen die stoppen met overdadige kinderverwekking, omdat ze meer vertrouwen krijgen in de zorg die er voor hen zal zijn wanneer ze oud worden.21Uit David Blume’s artikel ‘Food and Permaculture’, Permaculture.com/drupal/node/141.

Onze rekensom is wel klaar, geloof ik.

Ik ben nog niet klaar.

Ik ga nog drie voorbeelden geven van mensen die hun eigen rekensom maakten, om daarna terug te komen op een vraag die tussen bovenstaande sommen doorkwam.

Eerst de voorbeelden.

Bec Hellouin

In het Franse Normandië runnen Charles en Perrine Hervé-Gruyer een buitengewoon productieve permacultuurboerderij genaamd Bec Hellouin. Hun droom was om een grote tuin te bewerken met zo weinig mogelijk gebruik van fossiele brandstoffen.

‘Voor elke calorie aan eten die op je bord ligt,’ vertelt Charles, ‘zijn momenteel tien tot twaalf calorieën aan fossiele brandstof nodig. Als je alleen al kijkt naar de eindigheid van fossiele brandstoffen, is dat krankzinnig.’

Samen met een instituut voor landbouwonderzoek stelden Charles en Perrine drie vragen:

  1. ‘Hoeveel voedselopbrengst is er mogelijk op duizend vierkante meter?’
  2. ‘Wat voor inkomen kunnen we daarmee genereren?’
  3. ‘Hoe snel kunnen we dat doen wanneer we beginnen met een bodem die uitgeput is?’

Het eerste jaar bracht de oogst 32.000 euro op, het jaar daarop 39.000 en in het derde jaar 54.000. ‘Dat laatste bedrag komt vooral doordat we meer vertrouwen hebben en meer durven.’

Ter vergelijking: wil je conventioneel boeren, dan heb je voor dit soort bedragen minstens het tienvoudige aan land nodig, plus een olympisch zwembad aan bestrijdingsmiddelen, grote machines en brandstof.

‘Dit is hoopvol nieuws’, zegt Charles. ‘Het maakt microboerderijen veel makkelijker en overal op te richten. En het maakt een maatschappij mogelijk met echte voedselveiligheid.’22Uit de documentair Tomorrow. Zie GeldGaatNooitOverGeld.org/tomorrow.

Will’s Roadside Farms & Markets

In het Amerikaanse Milwaukee runt een ex-basketbalspeler genaamd Will Allen een stadsboerderij van achtduizend vierkante meter (een voetbalveld, maar dan vijftien meter breder), waar jaarlijks bijna vijfhonderdduizend kilo aan voedsel uit voortkomt.

Vissen, kippen, geiten en bijen zijn onderdeel van een ecosysteem dat bijna vijftienhonderd mensen met een actieve levensstijl het hele jaar van eten kan voorzien.23Uitgaande van 340 kilo voedsel per persoon per jaar, zoals aangehouden door David Blume in het eerder genoemde artikel ‘Food and Permaculture’. Informatie over de stadsboerderij van Will Allen kwam onder andere uit ‘How Much Land do You Really Need to be Self-Sufficient?’, geschreven door Dawn Gifford op Smallfootprintfamily.com. Omgerekend heeft deze boerderij dus iets meer dan vijf vierkante meter nodig (een kwart van David Blume’s studentenkamer) om één persoon met een actieve levensstijl het hele jaar door te voeden.

Olhos d’Água

In de Braziliaanse deelstaat Bahia woont een Zwitser genaamd Ernst Götsch. Toen hij en zijn familie er in de jaren ’80 neerstreken, was het hele gebied een afgetakeld, kaalgevreten en geërodeerd gebeuren. Ernst begon er te boeren, zonder bemesting, zonder irrigatie en zonder bestrijdingsmiddelen. Hij zaaide, plantte en groeide — en hij snoeide, meerdere keren per jaar.

Elke snoei-oogst die Ernst op de bodem legde, werd voeding voor een paradijs waar bronwater weer begon te stromen, regen vaker begon te vallen en elke cyclus leven kon geven aan een volgende, complexere, krachtigere en nog vruchtbaardere cyclus.

Gaande- en lerendeweg toverde Ernst bijna vijfhonderd hectare om tot een productief regenwoud, dat nu een beschermd gebied is. Vijf hectare daarvan is onderdeel van zijn Olhos d’Água boerderij, die een grote variëteit aan fruit, hout en cacao produceert.

Voor cacao was de grond zogenaamd ongeschikt (te zuur en te hoog in aluminium),  toch produceert de boerderij jaarlijks ongeveer 1200 kilogram per hectare. Ter vergelijking: dat is drie keer zoveel als de gemiddelde Braziliaanse productie.

Dan de kwaliteit van de cacao. Die is zo hoog dat men er vier keer de gemiddelde prijs voor betaalt.

Op elke hectare die Ernst bewerkt, wordt per jaar 180 tot 200 ton aan groen materiaal opgehoopt en getransformeerd — alles zonder ook maar iets toe te voegen dat niet van het land zelf komt.

Volgens Ernst vraagt deze weldaad boven alles één ding van ons: een verandering van perspectief.

‘Vandaag de dag zijn we op zoek naar vijanden in plaats van dat we het probleem in onszelf zoeken. Alle beschavingen die we gebouwd hebben — en dat zijn er honderden geweest — ontmoetten hetzelfde lot, omdat ze steeds dezelfde fout maakten: bossen terugdringen.

(…)

‘Het gaat over houding. Het enige wat we hoeven te doen, is begrijpen en bereid zijn.’24Het werk van Ernst Götsch is wereldwijd bekend geworden onder de noemer ‘Syntropische landbouw’. Voor een inspirerende introductie (inclusief bronvermeldingen), zie GeldGaatNooitOverGeld.org/syntropie.

Waarom deze extra voorbeelden? Omdat ik ze leuk, hoopgevend en inspirerend vind — en om te onderstrepen dat een regeneratieve, revitaliserende insteek op álle fronten, dus ook financieel, veel meer oplevert dan de nu nog gangbare landbouw en veeteelt.

Wat me terugbrengt bij de vraag die tussen de sommen doorkwam:

Vraag in hoofdletters: Waarom doen we dit niet allang, met z’n allen?

Omdat nooit genoeg meer wil dan geld verdienen.

Industriële monoculturen mogen dan wel de minst efficiënte en meest ongezonde manieren zijn om voedsel te verbouwen; ze vereisen ook de minste handarbeid. En naast winstmaximalisatie zijn grote bedrijven vooral geïnteresseerd in maximale winst per ‘eenheid’ arbeid. Want arbeiders hebben wensen, zoals een eerlijk inkomen en een dak boven hun hoofd, en ze hebben de neiging om zich te organiseren en te verzetten wanneer hun wensen worden ontkend. Kortom: hoe minder mensen je in dienst neemt, hoe minder gezeik aan je broek, hoe makkelijker je geld verdient.

Een hieraan gekoppelde factor is controledrang. Elk mens dat zichzelf onderdeel maakt van een natuurlijk, samen-creërend systeem, wordt minder afhankelijk van kunstmatige systemen, en voor nooit genoeg is zo’n mens doodeng.

Multinationals, grote landbouwbedrijven en banken die claimen dat ze ons een plezier doen met industriële landbouw en veeteelt, doen dit vooral om de touwtjes in handen te blijven houden, terwijl de grap wil dat grote industrieën de wereldbevolking nooit hebben gevoed. Zeventig tot tachtig procent van de voeding die bestemd is voor mensen, komt van kleine boeren. Grote bedrijven produceren vooral veevoer en biobrandstof.25Uit de documentair Tomorrow. Zie GeldGaatNooitOverGeld.org/tomorrow.

Wat me wederom hoop geeft, is dat David, Jos, Charles, Perrine, Will en Ernst geen zonderlingen zijn. Een steeds groter wordende groep ontdekt dat we het heft in eigen, lokale, overvloedige handen kunnen nemen. Dat we met de natuur om ons heen, eeuwenoude wijsheid en piepjonge ontdekkingen onvoorstelbare paradijzen kunnen creëren. En dat we, in tegenstelling tot wat voorstanders van gangbare landbouw proberen hoog te houden, het leven daarmee makkelijker kunnen maken in plaats van moeilijker.

En deze groeiende groep bezigt zich niet louter op kleine schaal. Ook grootschalige boeren beginnen in te zien dat werken mét in plaats van tegen natuurlijke creatiepatronen, op alle fronten logischer, makkelijker, leuker en winstgevender is.26Zie bijvoorbeeld het eerder genoemde artikel van David Blume en de film Kiss the Ground.

Gezicht van een man

‘Het kost meer moeite
om in voedselschaarste te leven
dan in overvloed.

‘Dood de natuur niet, dat is veel simpeler.’

Aldus de Franse tuinder genaamd Philip Forrer,27Een leuke video over Philip, met praktische tips voor het creëren van een natuurlijk paradijs, vind je op GeldGaatNooitOverGeld.org/philip-forrer. om deze (voor mij ☺︎) leukste en langste rekensom ooit nu toch echt af te sluiten.


_

  • 1
    Voor de grootte van een voetbalveld gebruik ik de maat die de KNVB als minimum hanteert: 65 bij 100 meter, oftewel 6500 m².
  • 2
    Gebaseerd op percentages uit verschillende Wikipedia-artikelen en wetenschappelijke bronnen.
  • 3
    Thoreau, ‘Living off the land: How much land?’. Prep Blog, 5 mei 2012. (De pagina en website zijn anno 2021 niet meer online, maar wel te vinden via web.archive.org).
  • 4
    Worldometers.info/world-population, bekeken op 8 januari 2021.
  • 5
    Onder de naam Teaming with Life is Jos mensen en boerenbedrijven gaan helpen om natuurlijke creatiepatronen te herkennen en een helpende hand te geven. Meer informatie over zijn voor mij inspirerende gedachtengoed, plus zijn aanbod, vind je op Teamingwithlife.info.
  • 6
    David Blume’s artikel ‘Food and Permaculture’, zeer het lezen waard, vind je op Permaculture.com/drupal/node/141.
  • 7
    Charles Eisenstein, ‘Permaculture and the Myth of Scarcity’, mei 2012, Charleseisenstein.org/essays/permaculture-and-the-myth-of-scarcity.
  • 8
    Uit Garbage Warrior, een prachtige, geestige en soms pijnlijk rake documentaire over leven en durven. Meer over de film vind je op GeldGaatNooitOverGeld.org/garbage-warrior.
  • 9
    Uit één van mijn favoriete TED-Talks, van een ‘dom’ iemand die zijn moeilijke leven weer makkelijk maakte. Te bekijken op GeldGaatNooitOverGeld.org/life-is-easy.
  • 10
    David Blume, ‘Food and Permaculture’, Permaculture.com/drupal/node/141.
  • 11
    Agricultural land (% of land area)’, Food and Agriculture Organization, Data.worldbank.org/indicator/AG.LND.AGRI.ZS.
  • 12
    James Owen, ‘Farming Claims Almost Half Earth’s Land, New Maps Show’. National Geographic, 9 december 2005, Nationalgeographic.com.
  • 13
    Berekend als volgt: 20 m² (nodig per persoon) x 7.837.546.000 (aantal mensen op aarde) = 156.750.920.000 m² aan landoppervlak, oftewel 156.750,920 km². Volgens Wikipedia is de totale oppervlakte van Nederland 41.543 km². Daarvan is (eveneens volgens Wikipedia) 18,41% water. Halen we het waterpercentage eraf, komen we op 33.894,9337 km² aan Nederlands landoppervlak. 156.750,920 km² / 33.894,9337 km² = 4,6246 keer het landoppervlak van Nederland.
  • 14
    Worldometers.info/world-population, bekeken op 9 januari 2021.
  • 15
    Berekend als volgt: 7.837.546.000 mensen x 370,9 (hoeveel keer meer we onszelf kunnen voeden dan we nu doen, met gebruik van het landoppervlak dat we nu gebruiken voor landbouw en veeteelt) = 2.906.945.811.400 mensen.
  • 16
    FAO Fisheries, ‘How much fish is consumed worldwide?’ The State of World Fisheries and Aquaculture, 2008, te vinden via Greenfacts.org.
  • 17
    Zie: Eric Holt-Gimenez, ‘We Already Grow Enough Food For 10 Billion People —and Still Can’t End Hunger’, Huffpost, 5 februari 2012, Huffpost.com & Kromkommer.com/voedselverspilling.
  • 18
  • 19
    Uit de film Kiss the Ground. Zie GeldGaatNooitOverGeld.org/kiss-the-ground.
  • 20
  • 21
    Uit David Blume’s artikel ‘Food and Permaculture’, Permaculture.com/drupal/node/141.
  • 22
    Uit de documentair Tomorrow. Zie GeldGaatNooitOverGeld.org/tomorrow.
  • 23
    Uitgaande van 340 kilo voedsel per persoon per jaar, zoals aangehouden door David Blume in het eerder genoemde artikel ‘Food and Permaculture’. Informatie over de stadsboerderij van Will Allen kwam onder andere uit ‘How Much Land do You Really Need to be Self-Sufficient?’, geschreven door Dawn Gifford op Smallfootprintfamily.com.
  • 24
    Het werk van Ernst Götsch is wereldwijd bekend geworden onder de noemer ‘Syntropische landbouw’. Voor een inspirerende introductie (inclusief bronvermeldingen), zie GeldGaatNooitOverGeld.org/syntropie.
  • 25
    Uit de documentair Tomorrow. Zie GeldGaatNooitOverGeld.org/tomorrow.
  • 26
    Zie bijvoorbeeld het eerder genoemde artikel van David Blume en de film Kiss the Ground.
  • 27
    Een leuke video over Philip, met praktische tips voor het creëren van een natuurlijk paradijs, vind je op GeldGaatNooitOverGeld.org/philip-forrer.

Geïnspireerd?

Geld Gaat Nooit Over Geld is gepubliceerd onder een Creative Commons-licentie en online voor iedereen beschikbaar op een ‘geef wat goed voelt’ donatiebasis.

Als het boek je inspireert, kun je bijdragen door (jezelf) een papieren boek of e-boek te geven.

Of geef het boek cadeau en verzend het direct naar haar/hem, inclusief (optioneel) persoonlijke boodschap.