Geld Gaat Nooit Over Geld  »  Lees online  »

Hoofdstuk 1. De één z’n brood

Boterham met een cupido-pijl er doorheen.

Onderstaande pagina is onderdeel van het boek Geld Gaat Nooit Over Geld, dat in z’n geheel op deze website te lezen is, vrij en op een ‘geef wat goed voelt’ donatiebasis — en nu ook beschikbaar is op papier en als e-boek.

» Meer over het boek vind je hier.
» Een overzicht van alle hoofdstukken vind je hier.
» (Jezelf) het papieren boek of e-boek geven, kan hier.
» Een donatie doen kan hier.

7 december 2011

‘Ja… maar… hoe houden we dan de controle?’
—‘Dat doe je niet. Je hebt die controle ook niet, dus waarom zou je?’
‘Ja, maar wat als mensen slechte dingen over ons zeggen?’
—‘Als mensen slechte dingen willen zeggen, doen ze dat toch wel. Met ons platform krijg je dat in ieder geval te zien. En kun je ervan leren.’
‘Ja, nu je het zegt… Oké, we doen het! Hier, honderdduizend euro.’

Zo gaan veel van mijn gesprekken met potentiële klanten, behalve dan die laatste zin.De meesten vinden Wovox namelijk een prachtig en belangrijk idee, totdat puntje bij paaltje komt. Dan vinden ze Wovox maar spannend.

Iets in mij zegt dat we een businessplan moeten hebben. Sommige mensen zeggen dat we een businessplan moeten hebben. Fred de bakker moet niets van businessplannen hebben. Ik voel me erg aangetrokken tot Freds geen-businessplan.

En ik vraag me af of ik op het juiste spoor zit.

Wil ik bedrijven koste wat kost openbreken, of wil ik laten zien wat al open is? Fred ontving me met open armen en maakte geen geheim van zijn geheimen. Anderhalf jaar later is zijn bakkerij één van de weinige bedrijven op onze website die me inspireert.

Is dit niet waar Wovox om gaat? Mensen inspireren tot iets mooiers en echters dan de status quo?

Ik weet het niet.

Ik weet het wel.

Ik durf alleen steeds niet.

Behalve vandaag. Vandaag heb ik mijn stoute schoenen aangetrokken.

Eerder dit jaar vond ik via internet foto’s van een kantoor in een bos. Het bedrijf heet Hemels van der Hart en doet iets met communicatie, maar noemt zichzelf geen communicatiebureau. Ik wilde dit geen-kantoor op onze website zetten. Bellen met een verkoopverhaal was niet mijn sterkste talent gebleken, dus ik stuurde een filmpje naar de communicatiemanager van het bedrijf.

Youtube-filmpje met Raymundo voor de camera en een tekstballon: ‘Hoi Barbara, mijn naam is Mundo. Ik ben van Wovox.com. Wij willen graag bij jullie langskomen om foto’s en video’s te maken en jullie verhaal op onze website te zetten. Jullie mogen zelf bepalen of en wat jullie ons daarvoor geven.’

We hebben dus nog steeds geen businessplan, maar wel een businessmodel. Soort van. We benaderen bedrijven, bij voorkeur bedrijven die ons bijzonder lijken, en vertellen ze wat ik Barbara ook vertelde. Dit levert vooralsnog weinig respons op. Áls bedrijven al reageren, willen ze meestal als eerste weten: ‘Wat is de adder?’ Als ik zeg dat er geen adder is, volgt meestal de vraag: ‘En wat hebben wij daaraan?’

Die tweede vraag snap ik (die eerste ook). Onze website beheert vooralsnog een stil hoekje van het internet. Op z’n best trekken we een paar duizend bezoekers per maand. Wat heeft een bedrijf eraan dat wij ze erop zetten?

Barbara leek daar niet mee bezig te zijn. ‘Wat een onwijs leuk filmpje en idee!’ stuurde ze terug via e-mail. ‘Zullen we meteen een afspraak maken?’

Samen met stagiaires Yiri en Maarten reed ik naar Woudenberg. Daar werden we ontvangen door een stralende lach die ons leidde naar een kleine ruimte met een ronde witte tafel. We waren ingeboekt bij de directeur, Pieter Hemels. Dat bleek een kleine, tengere man met grijzend haar en plezierig ogende, ietwat ondeugende kijkers. Barbara, een mooie, vitaal ogende vrouw met roodbruine krullen en spierwitte tanden, kwam ook aan tafel zitten.

Pieter deed niet aan formaliteiten en kwam meteen met zijn oordeel: ‘Ik vind het zó ónt-zet-tund gááf wat jullie doen. Toen Barbara je videoboodschap liet zien, dacht ik eerst nog “Ja dáág, dit is colportáge!”, maar toen je vertelde dat wíj mogen bepalen wat we jullie geven… Ik wil álles weten!’

Enthousiast begon ik over Wovox te vertellen en toen werd er aan de deur geklopt. Een kloeke man stapte binnen en zei: ‘Hoi, ik ben Richard de boskabouter. Ik ben de man die hier met bomen kloot.’
—‘Richard beheert het landgoed rondom ons kantoor’, vulde Barbara aan.

Yiri, Maarten en de Wovox-camera bleken bij Richard ingeboekt te zijn. Hij zou ze het kantoor laten zien, het terrein om het kantoorgebouw heen en (‘ja, waarom ook niet’) het complete landgoed waar Hemels van der Hart huishoudt. Ik bleef zitten. Anderhalf uur later stond Barbara op voor een volgende afspraak. Pieter zei: ‘Ik ga niet naar mijn volgende afspraak.’

Anderhalf uur werden twee uur, werden drie uur. Pieter vertelde dingen over Hemels van der Hart die ik alleen nog maar in boeken was tegengekomen. Een bedrijf dat de ontwikkeling van mensen zo centraal stelt én goed geld weet te verdienen… Ik wilde alles weten. Ik vroeg Pieter het hemd van zijn lijf en schreef geïnspireerd mee. Tegen de tijd dat Yiri, Maarten en Richard terugkwamen, hadden zij meer dan genoeg materiaal voor een bedrijfsprofiel met foto’s en ik voor een klein inspiratieboek. Voor video’s was geen tijd meer. ‘Dat doen we gewoon een volgende keer’, zei Pieter resoluut. En meteen daarna: ‘Zo, nu hebben jullie wat voor ons gedaan; wáár kunnen wij júllie ón-ge-lóófeluk blij mee maken?’

Ik zat met een mond vol tanden. Vragen of we een factuur mochten sturen, voelde als een emmer water gooien over een vrolijk knisperend kampvuur.

‘Ehm, ik ga daar even over nadenken Pieter, dankjewel.’

Twee weken later gingen we terug voor de video’s. Het werden voornamelijk persoonlijke interviews, waaronder één met Pieter. Toen dat klaar was, zei ik: ‘Om terug te komen op je vraag: ik heb een idee maar nog niet helemaal. Ik kom later bij je terug.’

Ik had het idee wel al helemaal; ik durfde het alleen niet in te brengen. Dit niet-durven zou nog acht maanden duren. Pieter en Barbara kwamen naar ons kantoor en ontmoetten Michel. Ik legde wat ideeën voor, zij reageerden enthousiast en ik stuurde een halfbakken, half durvend voorstel op. Er kwam geen reactie. Logisch, besefte ik vrij gauw. Ik liet mezelf nauwelijks zien, dus er was nogal weinig waar Barbara en Pieter op konden reageren.

Vandaag is het anders. Vandaag heb ik stoute schoenen aan en in mijn tas een contract. Of beter gezegd: een niet-contract. Michel en ik hebben iets heel leuks in elkaar geknutseld. Hij tekende en ik schreef. Nooit eerder beleefden we zoveel lol aan het maken van een contract. Nooit eerder zagen we een contract dat er zo niet uitziet als een contract.

Ik ben niet bij Hemels van der Hart om een deal te scoren. Ik ben hier gewoon. Met een verlangen en met een contract waarvan Pieter niet weet dat ik het bij me heb.

Pieter loopt stipt op tijd de kamer in waar ik al klaarzit. Vijfenvijftig minuten lang praten we over alles behalve het contract. Dan, als hij aangeeft deze keer wel naar zijn volgende afspraak te gaan, haal ik de dunne bundel uit mijn tas. Vijf minuten later zijn we er doorheen.

‘Wat hebben júl-lie dit ónt-zét-túnd leuk gedaan!’ kraait hij. ‘Wat zijn die tekeningen gááf! Wíe heeft die gemaakt? Míchel? Wát een ta-lént! Even kijken: dertigduizend euro toch? Dat is goed. Ik heb wel een vraag: gaan jullie de filmpjes zelf maken?’
—‘Eh… ja…’
‘Ja, want voor mij is kwaliteit ér-rúg belangrijk. Wat vind je van het volgende: in plaats van twaalf filmpjes maken we er zes. Dan geven wij jullie vijfduizend euro per filmpje in plaats van tweeëneenhalf. Dan kun je tenminste met een professionele filmploeg werken. En wij hebben héél véél kennis in huis. Ik koppel je aan Jori, die is hier net komen werken en is bríl-jánt! Ik laat hem weten dat we dit gaan doen, kun jij hem bellen. Zal ik dit alvast ondertekenen?’
—‘Ehm… wauw… ja. Euh… zal ik de bedragen in het contract eerst wijzigen?’
‘Dat is goed. Stuur maar op, kun jij ondertussen met Jori aan de slag.’
—‘Oké. Hé en Pieter, over de opties: voor welke zullen we gaan?’

Pieter kijkt me stil aan. Weer zie ik die ondeugende glimlach.

‘Welke zou jij kiezen?’
—‘Nou, als ik vanuit Wovox spreek zou ik zeggen

Menu-item uit het contract: De optie ‘Korte films over bedrijven waar iets bijzonders gebeurt’ is aangevinkt.

‘maar als ik vanuit mezelf spreek zou ik zeggen

Menu-item uit het contract: De optie ‘Korte films over mensen die doen waar ze van houden’ is aangevinkt.

‘Nou,’ zegt Pieter, ‘duidelijk toch?’

Dit gesprek ging mijn stoutste dromen al voorbij, en nu wordt me ook nog eens gevraagd of ik mijn hart wil laten spreken! Ik weet niet zo goed wat hier gebeurt. We staan op en omhelzen elkaar.

‘Dag dírectéur!’ scandeert hij wanneer ik de kamer verlaat.

Beduusd loop ik het kantoorgebouw uit. Ik heb níets gedaan, denk ik terwijl de frisse najaarsschemering me groet, en ik krijg gewoon een ‘ja’. Nee, méér dan een ‘ja’. We mogen twaalf, nee, zés filmpjes maken over mensen die doen waar ze van houden…

Ik stap de auto in en rijd naar huis. Naast me, in mijn rugtas, ligt de sponsordeal van mijn leven.

Die geen sponsordeal zal blijken.

Want ik ken Pieter nog niet.


Geïnspireerd?

Geld Gaat Nooit Over Geld is gepubliceerd onder een Creative Commons-licentie en online voor iedereen beschikbaar op een ‘geef wat goed voelt’ donatiebasis.

Als het boek je inspireert, kun je bijdragen door (jezelf) een papieren boek of e-boek te geven.

Of geef het boek cadeau en verzend het direct naar haar/hem, inclusief (optioneel) persoonlijke boodschap.